De Martinustoren

Samen met de neogotische kerk vormt de Martinustoren een belangrijk onderdeel van de Cuijkse skyline. De toren maakte deel uit van een kerk die in 1912 is afgebroken. De Cuijkse gemeenteraad, eigenaar van de toren sinds 30 mei 1799, wilde meermaals van de toren af, maar werd aanhoudend gedwarsboomd door de hogere overheid. Die had blijkbaar een vooruitziende blik gezien een van haar argumenten: ‘Het nageslacht, opgevoed in betere waardering van monumentaal bezit, zal U niet dankbaar zijn, indien gij deze eerbiedwaardige erfenis vervallen laat.’

De mooie toren staat er gelukkig nog steeds, een van de weinige monumenten in Cuijk. Het blijft voorlopig nog in ons erfgoed universum.

Extra’s – Gebouwen die nog maar namen lijken – de Martinustoren

De Martinustoren

Hapse oerboeren

Miljoenen jaren leefde de mens van wat de natuur te bieden had. Het aanwezige wild zorgde voor vlees (na een jachtpartij) dat werd aangevuld met vis en van alles eetbaar dat je kon rapen en plukken.

Daar heeft de boer een eind aan gemaakt, die begon de natuur naar zijn hand te zetten, dieren kwamen in de wei en gewassen werden geplant en geoogst. Alles dicht bij huis en meer dan genoeg te eten.

Daarmee zorgde de boer (m/v) voor een van de grootste omwentelingen in de geschiedenis van de mens. De maakbare wereld was geboren, en dit idee beïnvloed mensen tot op de dag van vandaag.

Er was opeens voedsel in overvloed, vrouwen konden hierdoor meer kinderen krijgen en overschotten kon je ruilen of verkopen. Meer volk dus en sociale verschillen, de basis van bijna alle grote problemen in de wereld. Daar kan je de oerboer nauwelijks de schuld van geven, die deed gewoon wat mensen in het bloed zit: ontdekken en experimenteren.

Toch zit de boer in de hoek waar de klappen vallen, net als de multinational heeft hij de publieke opinie tegen. Hij produceert te veel stikstof en bezet grond waar je ook huizen op kunt bouwen. De boer heeft het gedaan – de boer moet eraan! Moeten we vrezen voor het voortbestaan van de boerenstand?

Of krijgt Harry Kroezen toch nog gelijk? Hij zong tijdens de Cuijkse boerenbruiloft dikwijls: “Dur zulle altied boere blieve, dur zulle altijd boere zien”

Hoe het eindigt weten we niet, maar we krijgen al een aardig beeld van hoe het begon in het Kuukse land.

Prehistorie – Hapse oerboeren

Hapse oerboeren

Melkproducten fabriek Sint Maarten

Melk was en is het witte goud. Melk en de houdbare producten die je ervan kan maken zoals boter, kaas en yoghurt. Tot eind jaren zeventig stonden er twee ‘melkfabrieken’ in Cuijk. In het centrum zelfs, Nutricia en Sint Maarten. Nutricia is verhuisd naar de Hapse buren en Sint Maarten is uiteindelijk opgegaan in DMV Campina (Rijkevoort). Een terugblik op de Coöperatieve stoomzuivelfabriek Sint Maarten.

 

 

Cuijk-Katwijk aan de Maas. ±1935 Machinist en chauffeur Maan Langen rijdt melkbussen voor de melkfabriek Sint Maarten.

Moderne Tijd

Nieuwe tijd, nieuwe nering

Melkproducten fabriek Sint Maarten

 

Melkproducten fabriek Sint Maarten

Meimaand Mariamaand – Lourdesgrot Katwijk

Katwijk aan de Maas, O.L. Vrouw van Lourdes

De bouwpastoor van Katwijk aan de Maas, Joannes Suys, had een speciale verering voor O.L. Vrouw van Lourdes. Bij de parochiekerk liet hij in 1887 een Lourdesgrot bouwen en een bijbehorend processiepark aanleggen. Bedevaartgangers uit het hele land stroomden toe, maar de filiaalbedevaart van Lourdes bleek vooral in trek bij parochies uit de omgeving van Katwijk. De bezoekers kwamen per boot of te voet met delegaties van 100 tot 400 personen. De processies werden gehouden in de Mariamaand (mei), op Maria Hemelvaart (15 augustus) en op de eerste zondag van de Rozenkransmaand (oktober). In de 20e eeuw fluctueerde de toestroom van pelgrims naar het ‘Mariagenadeoord’, met incidentele hoogtijdagen. Na Vaticanum II zijn de georganiseerde, jaarlijkse processies sterk in aantal afgenomen, maar de verering is gebleven.

In de Mariamaand mei een prachtig artikel over de parochiekerk, Lourdesgrot en processiepark in Katwijk. Dit artikel is gepubliceerd op de website van het Meertens Instituut: ‘Bedevaart en Bedevaartplaatsen in Nederland’. Auteur is Eric Vendrux. Het is met toestemming van het Meertens Instituut integraal overgenomen. Het lemma is  ook te vinden in de boekuitgave Bedevaartplaatsen in Nederland.

Moderne Tijd – Het Rijke Roomse Leven – Lourdesgrot in Katwijk

Lourdesgrot Katwijk

De Wereld een Dansfeest

Volksdansvereniging Debka

‘…en toen ik weer buiten kwam zag ik op dat grasplein mannen, vrouwen, kinderen in een kring, er werd op guitaren gespeeld en castagnetten klepperden, heel langzaam. Naderbij gekomen zag ik in het midden een mageren landman en een jonge vrouw, met twee vlechten, in het glimmend zwart, zij kon wel een gitana zijn. Zij dansten, zonder elkaar aan te raken, met sierlijke en toch statige bewegingen. De vrouw nam soms de tippen van haar zwarten rok op en spreidde dien achter het hoofd uit, terwijl de man hetzelfde gebaar maakte en op een langzame maat rondom haar trad. Beide figuren hadden in de houding iets van de vorsten zooals men ze door Velasquez geschilderd ziet. Ik was bewogen, ik die toch niets van dansen wist, en die aandoening kon door niets anders teweeggebracht zijn dan door de schoonheid.’

Fragment uit ‘De Wereld een Dansfeest’, een raamvertelling van Arthur van Schendel waarin twee dansers een pavane dansen, een oude, statige Spaanse dans. De roman is slim in elkaar gezet, een ingenieus naar de dans verwijzende vertelvorm en van Schendel maakt gebruik van het meervoudig perspectief. Maar liefst 19 personen verhalen (in 19 hoofdstukken) over het leven van een danser en danseres. Stukje bij beetje ontvouwt zich de gemankeerde liefde tussen de twee geliefden. Vernieuwend voor die tijd (begin 20ste eeuw) en volgens sommigen een hoogtepunt uit de Nederlandse literatuur.

Deze keer een venster over de Cuijkse volksdansgroep Debka die Cuijk e.o. vele internationale dansen leerde. Een groep die bijna vijftig jaar bestond en een belangrijk onderdeel is van ons immateriële culturele erfgoed.

Extra’s – Immaterieel cultureel erfgoed – Volksdansvereniging Debka

Volksdansvereniging DEBKA

NB 1: Maurice Ravel heeft de muziek horende bij een pavane laten herleven in een van zijn mooiste composities, pavane pour une infante défunte.

NB 2: het ebook kunt u gratis downloaden van de site dbnl.org:

van Schendel De wereld een dansfeest

De Beerse Maas

Citeren

Na de rampen van 1920 & 1926 werd duidelijk dat de gehele Maas van af Mook, tot aan de nieuwe monding in de Amer aanzienlijk moest worden verruimd en genormaliseerd. In 1931 is daarmee begonnen, een enorm werkverschaffingsproject voor 1800 man.

Watersnood 1920

Een project van nationaal belang en met internationale belangstelling. Vlak voor de Tweede Wereldoorlog bezocht een groep journalisten de ‘Maasverbetering werken’ bij Grave. De reporters uit Nederland, in gezelschap van vertegenwoordigers van de Poolse regeringsdienst, Le petit Parisien, de Kölnische Zeitung, het Deutsche Nachrichtenbüro, Zwitserse en Tsjechische pers, keken de ogen uit. Honderden arbeiders uit alle delen van het land werkten aan de voltooiing van een reusachtig werk. Het landschap werd compleet herschapen.

Volgens een Nederlandse reporter: ooit zal men het verhaal van de Beersche Maas vertellen als een sprookje: ééns was dit land, dat nu vol staat met ruizelende boomen, met boerderijen en dat doorsneden wordt door wegen, één vlak en egaal wei­land. In den einder lagen de dorpen met hun torens, maar in deze 20.000 H.A. stond geen huis en geen boom. Des winters viel de Maas het land binnen en het werd een eindelooze binnenzee.’

En daarmee verdween een oeroude vraag: “De Beerse Maas: is dat nu een rivier die af en toe droogvalt, of land dat vaak onderloopt?”

Moderne Tijd – De Beerse Maas, een herschapen landschap

 

Cuijk, zegge en schrijve

Geschiedenis kent maar een uitkomst, de toestand hier en nu. Maar wat als? Er zijn natuurlijk veel meer mogelijkheden geweest dan de uitkomst die wij achteraf kennen. Wat als je je fantasie de vrije loop laat en een tegendraadse geschiedenis schrijft. Over een Cuijk dat niet bestaat maar wel had kunnen bestaan. Geen pure fictie, maar een op historische feiten gebaseerde variant van de geschiedenis zoals we die kennen.

Wat als de Romeinen hier gebleven waren? Hoe zou Cuijk er dan uitzien? Het latijn als voertaal, Romeinse goden, badhuizen, onze zonen dienend in het Romeinse leger – in oorlog met het machtige Chinese rijk, een mini-arena met vechtende gladiatoren, misdadigers hangend aan kruizen nabij de toegangswegen?

Je kunt zo een nieuw verleden construeren, toegevend aan een verlangen naar een andere afloop. Met onze huidige kennis van de Romeinse Tijd kom je al een aardig eind. Je ziet het waarschijnlijk al voor je, een castellum met vicus aan de Mosa genaamd……..? Ja hoe eigenlijk? Hoe noemden de hier wonende Kelten en Romeinen die plek? En hoe spelden ze die naam?

Tegenfeitelijk of niet, we zijn er nog steeds niet uit.

Start – Cuijk, zegge en schrijve

 Cuijk, zegge en schrijve

Militum Ceuclum, annos singulos 2021

Het nieuwe jaar

De instelling van nieuwjaarsdag heeft waarschijnlijk een heidense oorsprong. Ook de Romeinen vierden dit kalenderfeest uitbundig met dolle feestvreugde en dat ging gepaard met grote losbandigheid. Dat was niet helemaal naar de zin van de kerk. Die verordineerde in de zesde eeuw voor de eerste drie dagen van het nieuwe jaar een vasten, een soort van middeleeuwse lockdown.

De kerk keurde wel meer feestdagen af; ze waren niet door God ingesteld, de zondagsheiliging werd er minder door en het ging met allerlei losbandigheden gepaard (foei). Omdat verreweg de meeste heidense feestdagen onuitroeibaar bleken heeft de kerk ze later maar opgenomen in de kerkelijke kalender, zoals met Kerstmis.

Hoe dan ook, we zijn intussen gewoon elkaar het allerbeste te wensen voor het nieuwe jaar. Toch kenden we in het verleden ook wel verwensingen met betrekking tot het nieuwe jaar. In de zeventiende eeuw bijvoorbeeld: ‘de galgh totje nuwe jaer krijghen’ (de galg als nieuwjaarsgeschenk krijgen). En in de negentiende eeuw de variant: ‘de duivel voor uw nieuwjaar krijgen’.

Beiden zijn verwensingen in woede geuit; ik hoop dat je iets vreselijks overkomt, ik wil je niet meer zien, rot op.

Dat wens je natuurlijk niemand, tenzij het een virus is. Moge COVID-19 de galg als nieuwjaarsgeschenk krijgen!

Zodat we in 2021 kunnen zeggen: “Das war einmal”.

Sinterklaas en Zwarte Piet, Immaterieel Cultureel Erfgoed

Op voordracht van het zogenoemde Sint & Pietengilde is het Sinterklaasfeest sinds 2015 officieel onderdeel van de Nationale Inventaris Immaterieel Cultureel Erfgoed in Nederland.

Het Centrum voor Volkscultuur en Immaterieel Erfgoed (VIE) is een door het ministerie van OCW ingestelde instantie die waakt over al het niet- stoffelijke (levend) erfgoed van Nederland. Dat zijn sociale gewoonten zoals rituelen, uitdrukkingen, tradities, vaardigheden, noem maar op. Aan een plaatsing op de lijst kunnen niet zozeer rechten worden ontleend, maar het is wel degelijk een officiële erkenning van de traditie, inclusief al haar facetten.

Ineke Strouken, destijds directeur VIE, benadrukt dat plaatsing op de Nationale Inventaris geen waardeoordeel inhoudt. “Het zijn de gemeenschappen zelf die invulling geven aan hun tradities en aangeven waarin voor hen het belang van de traditie schuilt.”

Sinterklaas, Zwarte Piet, de gedichten, surprises, liedjes en cadeautjes verkeren dus in het gezelschap van onder andere de bloemencorso’s van Lichtenvoorde en Zundert, de Nederlandse woonwagencultuur, het prijsdansen in Nieuw-Vossemeer en Koningsdag.

Sinterklaas en Zwarte Piet, voor de liefhebbers van onze zeer diverse traditie, juist kenmerkend voor het gastvrije Nederland.

Extra’s – Immaterieel Cultureel Erfgoed – de Sint op Cuijkse bodem

de Sint op Cuijkse bodem

Cuijk in de jaren zestig

“Dat waren nog eens tijden” zult u ongetwijfeld horen van mensen die de jaren ’60 en ’70 bewust meegemaakt hebben. De muziek was beter, de auto’s veel mooier, benzine kostte niets en sigaretten nog minder. En misschien niet zo vaak voorkomend als gewenst, de rokjes waren kort, wat volgens ingewijden te maken heeft met economische hoogtijdagen.

Er zijn genoeg clichébeelden van de jaren zestig – de sixties. Passend in het huidige tijdperk zijn die inmiddels volledig gepolariseerd; voor de een ’n decennium van verbeelding en vrijheid, voor de ander een periode van onverantwoorde afbraak. Een erfenis met meerdere kanten. We zijn allemaal erfgenamen van de sixties, maar wat staat er in het testament?

‘turn on, tune in, drop out’   Moderne Tijd – De sixties, een ambigu erfenis

Cuijk in de sixties

Beat Girls voor het Hilton, foto Nationaal Archief